Makkelijker te geven dan te ontvangen

Jezus zei ooit: 'het is beter te geven, dan te onvangen'. En ook de wetenschap laat telkens weer zien dat we als mens hardwired zijn om te delen, te geven. Door te geven wordt je meestal rijker als mens, niet armer. Maar hoe zit het met ontvangen? Wat als je niet de gulle gever bent, maar degene die zijn hand ophoudt, die afhankelijk is? In deze blog werpt Jonatan licht op de kunst van het ontvangen, te beginnen bij zijn staafmixer-deel-experiment, via een minimalistisch monnik naar nieuwe vriendschappen.

er was eens een staafmixer over

Zo’n drie jaar geleden had ik een staafmixer over. Wij hadden ons laten verleiden tot een complete set met zo een handige kruiden-hak-en-blender-bak etc erbij. De eenvoudige staafmixer doneerde ik aan kerkgebouw de Ark, zodat we bij Zinnig Noord soep konden maken. Toen ik na mijn scheiding verhuisde, kreeg ik nog een oude staafmixer van mijn broer, inclusief onwaarschijnlijk lompe adapter uit Dubai. Toch fijn. Die ging vervolgens stuk, maar intussen leefde ik bij een leefgemeenschap in een Amsterdams Hofje. Nadat ik een paar keer iemand anders staafmixer hand geleend, stelde diegene voor om hem buiten haar deur in een rommelmand te leggen zodat we konden deel-staafmixen. Ik was laaiend enthousiast over zulke samenleef acties, zeker omdat ik steeds bewuster word van de enorme klimaat-impact van spullen. Maar stiekem was ik bovenal opgelucht door haar voorstel, want ik voelde me intussen best bezwaard om telkens weer om de staafmixer te vragen. (Vaak op het laatste moment natuurlijk, ik ben nu eenmaal een vrij spontane soepmaker.)

Minimalistisch monnik

Bij Zinnig Noord denken we de afgelopen maanden na over Leven van Genoeg. In oktober sprak Paul Schenderling over het onmogelijke huwelijk tussen economische groei en ecologisch herstel en in november bevroegen we Franciscaans monnik Roland Putman over Genoeg hebben, Genoeg zijn. De franciscanen waren minimalisten lang voordat het hip was; armoede of bezitloosheid is een van hun belangrijkste leefregels. Roland legde uit dat deze leefregel niet per se betekent dat je nooit bezit hebt, maar dat je er altijd van bewust bent, dat je he bezit in gebruik of in beheer hebt gekregen. Ten diepste is niets van jou, je hebt alles ontvangen. Op de vraag wat zulke armoede nou oplevert, was zijn antwoord: “Dat je afhankelijk bent van anderen. Daardoor ontstaan relaties en oefen je steeds weer in vertrouwen.” 

In onze samenleving willen we zelf graag alles hebben. Een auto, een boormachine, en als het enigszins kan ook: kennis en kunde. Maar als je die dingen niet hebt, heb je een ander nodig. Dat lijken we lastig te vinden. We willen graag onafhankelijk zijn, dat geeft een gevoel van veiligheid, van controle over ons leven. Het lijkt erop dat we weinig vertrouwen hebben; in de hulp of de goede wil van anderen. En ja, dat is herkenbaar, ook in het geval van de staafmixer. Ondanks het idealistische delen vergaten we wel eens de staafmixer tijdig terug te leggen en voelde ik me weer bezwaard en twee maanden terug besloot ik, nu is het genoeg. Ik wilde mijn eigen oude, eenvoudige staafmixer terug, de kerk koopt maar een nieuwe. Ik wilde weer onafhankelijk zijn.

Hardwired om te geven

Maar wat gebeurt er eigenlijk als je ergens om vraagt? Ja, zelf denk je gemakkelijk dat je iemand tot last bent. Maar als je het omdraait, en jezelf de vraag stelt ‘zou ik dit vervelend vinden? Als iemand mij vraagt of zij mijn huishoudelijk apparaat mag lenen. Als iemand mij een dilemma uit zijn leven voorlegt? Ik denk dat ik niet de enige ben die het vaak heerlijk vindt om te geven. Ik zie graag andere mensen blij, ik krijg er een goed gevoel bij om van betekenis te kunnen zijn voor een ander. En dat is niet raar. Wetenschappelijk onderzoek toont telkens weer aan: we zijn als mens ‘hardwired’ om te delen, te geven. Geven maakt gelukkig, duurzaam gelukkig ook nog. Jezus zei het ooit ook al: ‘het is beter te geven dan om te nemen’. Hij zal vast mensen hebben willen aansporen om vrijgevig te zijn. Maar ik vermoed dat hij ook doorhad dat dat je een rijker mens wordt door meer te geven. Toch had Jezus er misschien aan toe kunnen voegen. ‘Het is beter te geven dan te ontvangen. Maar niet makkelijker.’ Als gever ben je immers onafhankelijk, sta je ‘hoger’, terwijl de ander zich afhankelijk moet opstellen. De kunst van ontvangen is niet gemakkelijk te bemeesteren. Onze trots staat gemakkelijk in de weg. En dat is jammer, want als je ontvangt, geef je ook.

Geven en ontvanger zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Er is geen gever zonder ontvanger. Als jij een compliment, een cadeau, een dienst echt weet te ontvangen, met open hart en handen dan geef je de gever een groot geschenk; dat van het geven. En zo ontstaat een relatie, hoe klein of kortstondig ook. Er is connectie en dat is waar wij mensen toe bedoeld zijn. Daarom is het volgens broeder Roland ook zo belangrijk om tijd en ruimte te maken voor mensen en niet alles vol te plannen. Door te luisteren geef je iemand de kans zijn verhaal te delen, zijn kennis over het leven door te geven. ‘God je je agenda bepalen’ noemt hij dat. Prachtig beeld.

Toen de staafmixer uit de kerk verdween, kwamen we natuurlijk binnen de kortste keren in de problemen, want wie zou er een kopen en wat voor dan? Intussen brak het pompoensoep seizoen aan en werd het gebrek aan staafmixer zwaarder gevoeld dan verwacht. Maar na enig rondbellen kwam er telkens wel weer iemand met een staafmixer op de proppen en waren we blij en dankbaar. Is het eigenlijk niet heel saai om altijd je eigen staafmixer (of boormachine, auto, …) te hebben?

vreugdeloze schijnveiligheid

In onze individualistische tijd hoor je van alle kanten de roep om verbinding, om community. Ik vermoed dat we die oude vormen van gemeenschap soms een beetje romantiseren. De basis van veel vormen van gemeenschap is geloof ik heel simpel: Je redt het niet zonder elkaar. Je hebt elkaar nodig. Voor eten, bescherming, gezelschap, voor groei. Zou het kunnen dat we het op het moment té goed voor elkaar hebben. Dat we elkaar te weinig nodig hebben om in de samenleving stevig verbonden te zijn? Natuurlijk is het bezit van spullen niet onbelangrijk. Vraag maar aan iemand die schaarste heeft gekend. Maar zou het kunnen dat we in onze consumentenmaatschappij doorschieten in onze drang naar vrijheid en onafhankelijkheid. Op een dieper niveau creëren we een schijnveiligheid. Spullen worde gepresenteerd als de oplossing voor onze problemen, maar alle spullen in de wereld beschermen je niet tegen gevaarlijkste menselijke probleem: afgescheiden zijn. Isolatie. Eenzaamheid. Seneca zei het al: bezit zonder vrienden is Vreugdeloos.

Vriendschap

Binnen Zinnig Noord weten we iets van de kunst van ontvangen. We zijn voor ons voortbestaan afhankelijk van de protestantse kerk, het stadsdeel, fondsen en deelnemers. Hoe dankbaar we ook zijn, het kan ook erg benauwend voelen om je bestaan telkens te moeten rechtvaardigen. Zijn wij dit wel waard? Die onzekerheid, die afhankelijkheid kan zorgen voor de schroom om te vragen. Die schroom voelen we misschien nog wel sterker richting onze bezoekers en onze communityleden. En toch hebben we jullie nodig om voort te blijven bestaan, nu onze bestaande financiering wordt afgebouwd. Daarom beoefenen we de kunst van het vragen nu: zou jij onze Vriend willen worden?  

Je ondersteunt ons dan met een maandelijkse bijdrage en je ontvangt een heleboel inspiratie en waardevolle ontmoetingen, voor jezelf en anderen in Noord. Lees hier meer hoe je een relatie met ons begint ;-)